De Europese Commissie heeft wee Nederlandse steunregelingen goedgekeurd voor de productie van duurzame vliegtuigbrandstof. Samen hebben de regelingen een budget van 290 miljoen euro. Opvallend aan het besluit is de keuze om alleen die productieroutes te ondersteunen die tot nu toe het moeilijkst van de grond komen, waaronder geavanceerde biobrandstof uit reststromen.
De regelingen richten zich op twee technologische paden. Het eerste is geavanceerde bio-SAF die niet via het HEFA-proces wordt gemaakt, de route waarbij esters en vetzuren door hydrobehandeling worden omgezet. Het tweede is synthetische luchtvaartbrandstof op basis van hernieuwbare waterstof en koolstof, aangeduid als e-SAF. Volgens de Nederlandse aanmelding draagt steun aan beide routes bij aan technologische verscheidenheid in de brandstofmarkt op langere termijn.
De twee regelingen delen hetzelfde budget maar bedienen verschillende projectfasen. De ene biedt investeringssteun voor de productie zelf. De andere vergoedt de kosten van voorbereidend werk, waaronder front-end engineeringstudies. Juist die voorbereidende fase geldt in de sector als lastig te financieren, omdat investeerders moeilijk kunnen inschatten wat een installatie gaat kosten voordat het detailontwerp klaar is.
Voorwaarden en looptijd
De steun bestaat uit rechtstreekse subsidies die pas worden uitbetaald wanneer projectmijlpalen zijn gehaald. Toekenning gebeurt op volgorde van binnenkomst, via een procedure die volgens de Commissie objectief, niet-discriminerend en transparant is. De regelingen lopen van 2027 tot uiterlijk 2031, met maximaal vijf financieringsrondes, afhankelijk van het beschikbare geld.
Bedrijven die steun krijgen voor de productie zelf moeten aantonen dat zij voldoen aan de Europese criteria voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong, of aan de Europese duurzaamheidscriteria voor geavanceerde biobrandstoffen. Die criteria komen voort uit de richtlijn hernieuwbare energie uit 2018 en stellen onder meer eisen aan de broeikasgasreductie over de hele waardeketen.
De Commissie schat dat de gesteunde projecten samen ongeveer 285 kiloton duurzame vliegtuigbrandstof per jaar gaan produceren. Dat komt overeen met 350 miljoen liter kerosine, genoeg voor circa 3.500 intercontinentale vluchten.
Toetsing aan het staatssteunkader
De beoordeling vond plaats op grond van artikel 107, lid 3, punt c van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, in combinatie met de richtsnoeren klimaat-, milieu- en energiesteun uit 2022 en het Staatssteunkader Clean Industrial Deal uit 2025. De Commissie oordeelde dat de regelingen noodzakelijk en passend zijn en een stimulerend effect hebben, omdat de betrokken studies en investeringen zonder overheidssteun niet zouden plaatsvinden. Ook concludeerde zij dat Nederland voldoende waarborgen heeft ingebouwd om verstoring van de mededinging en het handelsverkeer binnen de Unie te beperken.
Het besluit sluit aan bij de ReFuelEU Aviation-verordening, die brandstofleveranciers verplicht een oplopend aandeel duurzame vliegtuigbrandstof te leveren. De verplichting geldt al, terwijl de productiecapaciteit voor de niet-HEFA-routes in Europa nog beperkt is. De regelingen zijn geregistreerd onder de zaaknummers SA.121979 en SA.123605.
Bron: Europese Commissie
Foto: chalabala, Adobe Stock









