Bedrijven en andere belanghebbenden kunnen reageren op het Besluit duurzaamheid biomassa. Dat besluit moet vastleggen hoe bedrijven aantonen dat de biogrondstoffen die zij in de bouw en de chemie gebruiken, duurzaam zijn geproduceerd.
Biogrondstoffen kunnen in deze sectoren fossiele grondstoffen vervangen en zo bijdragen aan een klimaatneutrale en circulaire economie. Tegelijk kan de productie ervan het milieu schaden, bijvoorbeeld door ontbossing of verlies van biodiversiteit. Het besluit moet ervoor zorgen dat alleen biogrondstoffen worden gebruikt waarvan de herkomst aantoonbaar duurzaam is.
De eisen gaan niet gelden voor alle biogrondstoffen, maar alleen voor gesubsidieerde en gereguleerde stromen binnen de bouw en de chemie.
Voor het aantonen van die duurzame herkomst kiest het kabinet voor een privaat stelsel van certificering en verificatie. De concrete eisen waaraan een partij biogrondstoffen moet voldoen, staan niet in het besluit zelf. Die worden later uitgewerkt in een aparte regeling op grond van het besluit.
Naast dit private stelsel komt er publiek toezicht. Via een wijziging van de Wet milieubeheer krijgt de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) de taak om toezicht te houden op de certificeringsorganen die binnen het stelsel werken. De NEa controleert daarmee niet elke afzonderlijke partij biomassa, maar de organisaties die de certificaten afgeven.
De overheid vraagt in de consultatie onder meer om input over mogelijke verbeterpunten in de uitwerking van het besluit. Reageren kan nog tot en met 13 juli 2026 via internetconsultatie.nl.
Bron: Rijksoverheid, internetconsultatie “Wijziging Wet milieubeheer in verband met toezicht en handhaving door de Nederlandse Emissieautoriteit” (Besluit duurzaamheid biomassa), via www.internetconsultatie.nl.
Foto: Photo by Bernd Dittrich on Unsplash









