De Europese Commissie wil boeren minder afhankelijk maken van dure en ingevoerde meststoffen. In het nieuwe Fertiliser Action Plan, dat op 19 mei 2026 is gepresenteerd, koppelt Brussel kortetermijnsteun voor boeren aan een bredere koerswijziging. Biobased meststoffen, digestaat uit vergisting en teruggewonnen nutriënten uit reststromen moeten een grotere rol krijgen.
Hoge prijzen raken boeren direct
Meststoffen zijn de afgelopen jaren sterk in prijs gestegen. In het laatste kwartaal van 2025 lagen de kosten voor Europese boeren nog altijd 62 procent boven het niveau van 2020. In april 2026 waren stikstofmeststoffen in de EU 40 procent duurder dan in december 2025.
Die ontwikkeling zet de bedrijfsvoering onder druk. Boeren kunnen minder meststoffen gebruiken, wat gevolgen kan hebben voor opbrengsten en kwaliteit. De Commissie wijst er ook op dat boeren bij hoge prijzen sterker kunnen leunen op stikstof, ten koste van fosfor en kalium. Dat kan op langere termijn nadelig zijn voor de bodemvruchtbaarheid.
Europa wil minder kwetsbaar worden
De EU is voor verschillende meststoffen en grondstoffen sterk afhankelijk van import. Van het Europese verbruik van stikstofmeststoffen komt 25 tot 30 procent uit het buitenland. Bij kalimeststoffen gaat het om 35 tot 45 procent en bij fosfaatmeststoffen om ongeveer 70 procent. Ook aardgas blijft belangrijk, vooral voor de productie van stikstofkunstmest.
Het actieplan moet die kwetsbaarheid verkleinen. Brussel wil de Europese productie versterken, de aanvoer beter spreiden en het gebruik van circulaire en laag fossiele meststoffen versnellen. Daarbij kijkt de Commissie ook naar voorraden van belangrijke meststoffen en grondstoffen om toekomstige schokken beter op te vangen.
Digestaat en nutriëntenrecycling krijgen grotere rol
Een belangrijk onderdeel van het plan is de inzet op organische en biobased meststoffen. De Commissie noemt onder meer nutriëntenrecycling, terugwinning van fosfor en stikstof, biogas en biomethaan, digestaat, algenbiomassa en microbiële oplossingen.
Digestaat is het restproduct dat overblijft na vergisting van organisch materiaal. Volgens Brussel kan een betere benutting daarvan bijdragen aan een circulairer meststoffensysteem. Ook afvalwater, slib, bioafval en andere organische reststromen worden genoemd als bronnen voor terugwinning van nutriënten.
Nieuwe markt voor biobased meststoffen
Brussel wil de vraag naar biobased meststoffen actief vergroten. In het actieplan staat dat zulke meststoffen kunnen uitgroeien tot een nieuwe markt naast traditionele minerale meststoffen. De Commissie wil daarom duidelijke definities ontwikkelen, regels vereenvoudigen en belemmeringen in de handel verminderen.
In een volgende stap wil de Commissie maatregelen voorbereiden die deze markt sterker maken. Daarbij worden onder meer bijmengverplichtingen, labels en andere vraaggerichte instrumenten genoemd. Ook kijkt Brussel naar knelpunten rond meststoffen van dierlijke oorsprong en naar regels voor producten uit vergisting en compostering.
Markt is nog versnipperd
De markt voor alternatieve meststoffen is nog minder ontwikkeld dan die voor klassieke kunstmest. Biobased producten krijgen te maken met uiteenlopende nationale regels, langere toelatingsprocedures en belemmeringen bij reststromen die als afval worden gezien. De Commissie noemt dat een rem op bredere toepassing.
Ook financiering moet helpen om de sector verder te brengen. Brussel verwijst naar bestaande Europese programma’s voor innovatie en opschaling. Via onder meer Horizon Europe en Circular Bio based Europe lopen al projecten rond biobased meststoffen.
Naast steun ook structurele keuzes
Het actieplan bevat maatregelen die boeren op korte termijn lucht moeten geven. Denk aan meer liquiditeitssteun, soepelere voorschotten en beter zicht op prijsontwikkelingen en voorraden.
Tegelijk legt Brussel duidelijk meer nadruk op een meststoffensysteem dat minder afhankelijk is van import, fossiele energie en kwetsbare internationale ketens. Biobased meststoffen, digestaat en nutriënten uit reststromen krijgen daarin een grotere plaats.
Bron: agriculture.ec.europa.eu
Foto: Meriç Tuna, Pexels









