Terwijl de grootschalige Oekraïense energie-infrastructuur kampt met aanhoudende instabiliteit, wordt er vanuit het Nederlandse bedrijfsleven gewerkt aan praktische en decentrale alternatieven. Door de inzet van Nederlandse biomassa-technologie worden dorpen en steden minder afhankelijk van het kwetsbare centrale elektriciteitsnet. Deze aanpak, gecoördineerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en het Ministerie van Buitenlandse Zaken, dient als actueel praktijkvoorbeeld voor de rol van bio-energie bij het waarborgen van de lokale leveringszekerheid.
Analyses van de huidige situatie in Oekraïne laten zien dat de traditionele centrale energievoorziening een kwetsbaar punt is gebleven. De wederopbouw richt zich daarom niet uitsluitend op het herstellen van de oude infrastructuur, maar op het bouwen van een fijnmazig netwerk van lokale energiebronnen. In dit kader worden momenteel twee kant-en-klare biomassa-installaties van het bedrijf KARA naar Oekraïne getransporteerd. Het is een tastbaar resultaat van de bredere Nederlandse inzet voor de Oekraïense energiesector. Naast specialisten op het gebied van bio-energie dragen bedrijven uit heel Nederland bij aan de wederopbouw. Zo worden er vanuit diverse regio’s transformatoren en generatoren geleverd, en wordt er zelfs gewerkt aan het hergebruik van Nederlandse windturbines en onderdelen uit de nationale gaswinning om de energievoorziening ter plaatse te versterken.
Bio-energie als oplossing voor netcongestie
Het project in Oekraïne illustreert hiermee een principe dat ook voor de Nederlandse energietransitie relevant is: bio-energie als methode om netcongestie te verlichten. Door warmte direct uit biomassa te produceren, wordt de vraag naar elektrische verwarming verminderd, wat de druk op een overbelast stroomnet wegneemt. In tegenstelling tot variabele bronnen zoals zon en wind, levert een biomassa-installatie een constante basislast. Dit maakt het een stabiele factor voor lokale netwerken, zowel in oorlogsgebied als in de Nederlandse context van een verzadigd stroomnet.
De noodzaak voor deze technologische oplossingen werd onlangs breed belicht door de Volkskrant, die berichtte over een werkbezoek van een delegatie uit Odesa aan Nederland. Onder leiding van locoburgemeester Alla Bekh zochten vertegenwoordigers van de havenstad naar partners die kunnen helpen bij het vergroten van de energie-weerbaarheid. Alla Bekh benadrukte in de Volkskrant dat de wederopbouw van Oekraïne niet kan wachten tot het einde van het conflict; er is nu al behoefte aan modulaire, decentrale systemen die bestand zijn tegen verstoringen van het landelijke netwerk.
De uitvoering van deze missies is verankerd in de Ukraine Partner Facility (UPF2). Dit programma van de RVO ontsluit de technologische expertise van Nederlandse ondernemers voor de wederopbouw van vitale sectoren. In samenwerking met de Oekraïense partner MUST IPRA/TKP zorgt deze publiek-private samenwerking voor een directe impuls aan de lokale voorzieningen. Volgens gegevens van de RVO is de export van deze kennis over biochemie en bio-energie essentieel voor de lange termijn, omdat het Oekraïne helpt een circulaire economie op te bouwen die minder afhankelijk is van fossiele importen.
Bron: RVO
Foto: Lena Myzovets, Unsplash
YouTube video: KARA Almelo









