Het kabinet rondt per 1 januari 2026 het topsectorenbeleid af en kiest voor een industriebeleid met nadruk op zes markten waar Nederland wereldwijd kan winnen. Het gaat om halfgeleiders, biotechnologie, defensiegerelateerde toepassingen met onder meer 6G, radar, lasersatellietcommunicatie en quantum, digitale diensten met nadruk op AI, machinebouw en innovatieve chemie. Voor het overige bedrijfsleven blijven generieke innovatieregelingen zoals de WBSO en andere financiering bestaan. De ministerraad nam dit besluit op 17 oktober.
Minister Karremans zet de urgentie stevig neer. “Door de grote uitdagingen waar we mee te maken hebben, zoals een krappe arbeidsmarkt, een vol stroomnet en toenemende geopolitieke spanningen, kunnen we het ons niet veroorloven om stil te zitten en geen keuzes te maken. Als we ook in 2040 aan de top willen staan, moeten we nu durven kiezen. Door te investeren in deze 6 markten waar we echt het verschil kunnen maken en echt kunnen winnen, versterken we onze veiligheid, economische groei en toekomstige welvaart. Uiteindelijk is het heel simpel: wie niet kiest, verliest.”
De keuze betekent een verschuiving van breedte naar focus. In plaats van vele losse initiatieven moeten er programma’s komen die ecosystemen versterken, vraag helpen creëren via strategische inkoop, toegang tot kapitaal verbeteren en knelpunten wegnemen rond ruimte, vergunningen en netcongestie. Ook inzet op internationale slagkracht en aansluiting bij Europese trajecten zoals IPCEI en Horizon hoort daarbij. Het beleid mikt op een industrie die in 2030 minstens vijftien procent van het bbp vertegenwoordigt en op gezamenlijke uitgaven aan onderzoek en ontwikkeling van drie procent van het bbp.
Kans voor biobased opschaling
Voor de bioketen zijn innovatieve chemie en biotechnologie de ankerpunten. Innovatieve chemie omvat biobrandstoffen en circulaire, biobased en geavanceerde materialen. De rijkstekst zet daar opvallende groeicijfers bij, zoals 21,9 procent per jaar voor biobrandstoffen en 27 procent per jaar voor circulaire, biobased en geavanceerde materialen. Biotechnologie krijgt tegelijk een eigen focus, met niches als cel en gentherapie en alternatieve eiwitten. Dit opent de deur voor combinaties van chemie en biotech, bijvoorbeeld precisiefermentatie voor biobased monomeren of eiwitten uit reststromen.
Voor bedrijven in biomassa betekent dit concreet dat opschaling dichterbij kan komen als proposities landen binnen de twee focusmarkten. Verwacht programma’s die meer gewicht leggen op strategische inkoop, publieke en private financiering in de vroege uitrol en snellere besluitvorming bij vergunningen. De overheid zegt te blijven werken aan het fundament voor alle ondernemers, met aandacht voor financiering, regeldruk, netcongestie, ruimte en talent. Voor partijen die niet precies in de zes markten vallen, blijven generieke instrumenten beschikbaar.
De komende maanden werkt Den Haag de programma’s per markt uit en kijkt het kabinet hoe middelen kunnen worden vrijgemaakt of herverdeeld. Voor de biohoek is dit het moment om consortia te smeden rond duidelijke opschalingsdoelen. Denk aan projecten die reststromen valoriseren tot materialen, of aan routes waarbij vergassing en synthese leiden tot geavanceerde brandstoffen, gekoppeld aan marktcreatie via inkoop en Europese samenwerking.
Bron: rijksoverheid.nl
Beeld: Arenda Oomen









